oud beijerland

De Joodse geschiedenis van Oud Beijerland begon in het midden van de 18e eeuw, toen de eerste Joden zich er vestigden. Er waren al sjoeldiensten, in de woning van een van de leden en in 1790 werd een begraafplaats aangekocht aan de Ossenbil, de huidige Prinses Irenestraat. Deze begraafpleets heeft 67 grafstenen. In 1816 was er al een synagoge, en in 1843 bouwde men een nieuwe synagoge – als Ring-synagoge. Het hoogste aantal Joden in Oud Beijerland woonde er rond 1840 – 291 personen.

strausshoogstraatzakjeDe Joden van Oud Beijerland verdienden hun brood grotendeels in de handel, vooral in de textielhandel en daarnaast als slager, huidenhandelaren, bankier en dergelijke. De neergang van de Joodse gemeenschap in Oud Beijerland begon al in het begin van de twintigste eeuw. De Joodse bewoners trokken naar de stad en er konden zelfs geen diensten meer gehouden worden omdat er geen minjan meer was (minimaal 10 volwassen Joodse mannen).

Oorlog
Tussen augustus en oktober 1942 werden de Joden van Oud Beijerland door de bezetter gedwongen om naar Amsterdam te verhuizen. Van de Joden uit Oud-Beijerland zijn er 31 vermoord. Een klein aantal wist het leven te redden door de onderduik (zeven mensen), door dooppapieren en slecht één Joodse Oud-Beijerlander overleefde de deportatie en de kampen. Op dit moment (2016) zijn van de Joodse Oud-Beijerlanders er nog twee in leven die in Israël wonen.

Na de oorlog
De synagoge werd na de oorlog verkocht en kreeg een nieuwe bestemming als huishoudschool. De kehilla (Joodse gemeente) werd in 1947 bij die van Rotterdam gevoegd. In oktober 1987 werd aan de Havendam een monument onthuld ter nagedachtenis aan de gedeporteerde Beijerlandse Joden. Het monument stelt een linkerhand voor die een Davidsster omvat en werd ontworpen door Marja Vogel-Granade.  Een jaar eerder, in 1986, zijn er straatnamen naar de vermoordde families vernoemd

Mijnsheerenland
In het naburige dorp Mijnsheerenland is het Hof van Moerkerken gebouwd, dat voor de oorlog gebruikt werd voor jongeren die op jeugd-alijah gingen. In 1894 werd in De Telegraaf al gemeld dat dit kasteel in slopershanden was gevallen en weldra gesloopt zou worden; het pand bestaat nog steeds. In de oorlog werd het landgoed als verpleeghuis gebruikt.

Fotografie Strauss
Op de Hoogstraat in Rotterdam was fotografie Strauss gevestigd, en deze zaak had op de Oostdijk 38 een filiaal in Oud Beijerland.

verder
De geschiedenis van Oud Beijerland én de Joodse gemeenschap is ook verwoord in het boek “Mijn god, wat een dorp” van Wim Verhagen (Semper Agenda, 1973). Op 25 oktober 1973 kreeg de burgemeester van Oud Beijerland het eerste exemplaar uit handen van zijn broer Willem Aantjes.
Een ander goed boek over de Joodse geschiedenis van Oud-Beijerland is “Het Joodse verleden van Oud-Beijerland” van Alie van den Berg. Dit boek werd in 2008 aangeboden aan de burgemeester van Oud-Beijerland, de heer K.Tigelaar en is op dit moment alleen nog tweedehands verkrijgbaar.

Samuel Philip Goudsmit kwam uit Oud-Beijerland en begon in 1869 een winkeltje in garen en band op de Nieuwendijk 132 te Amsterdam. Daarmee was de Bijenkorf geboren.

Meer lezen?
Zie de website van Joods Oud Beijerland:  www.joodsleven-obland.nl.

bron:
http://www.jhm.nl, lemma Oud Beijerland (geraadpleegd 11 aug 2015)
Nieuw Israëlietisch Weekblad, 23 oktober 1987, gedenkteken voor Joodse gemeenschap Oud-Beijerland
Nieuw Israëlietisch Weekblad, 26 oktober 1973, ronduit aandoenlijk.
Baar, Peter-Paul de, Mode in Mokum, Joods element onmisbaar in de Amsterdamse mode-industrie in Nieuw Israëlietisch weekblad, 26 jan 1990.
De Telegraaf, 21 aug 1894, Een kasteel in sloopershanden

Rotterdams Nieuwsblad, 7 aug 1943, gediplomeerde verpleegster
Aanvullingen: juni 2016 met dan aan Alie van den Berg

illustratie
fotozakje Strauss met dank aan A van den Berg (5 juli 2015)

laatste aanpassing:
18 juni 2016.