Pauline Alida Vomberg

Pauline werd op 31 januari 1904 in Zwolle geboren als oudste dochter van Bernard Vomberg, veehandelaar (Dalfsen, 6 juli 1866 – Apeldoorn, 1939) en Mietje de Horst (Kuinre, 28 december 1866 – Westerbork, 14 april 1943). Pauline had een jongere zus Alida, (Zwolle, 7 mei 1906 – Arnhem, 6 maart 1992), verpleegster van beroep (in het Apeldoornse Bos sinds 1938).

Pauline werkte van 1924 tot 1943 als secretaresse en hoofd van de administratie van het Apeldoornse Bos. Ze woonde in die periode op het Kanaalpad 5 te Apeldoorn. Het Apeldoornse Bos was een Joodse instelling voor psychiatrische patiënten. In die hoedanigheid werkte ze ook in de inrichting toen de inrichting werd leeggehaald, in de nacht van 21 op 22 januari 1943. Ook Pauline kwam in de kampen, samen met haar zus. Op 29 maart 1943 werd ze volgens de persoonskaart bij het Stadsarchief te Amsterdam in Westerbork ingeschreven.
Vanuit het kamp Bergen-Belsen kwam ze in 1945 terecht in “Het Verloren Transport” dat in april 1945 met 2000 Joodse gevangen zonder bestemming naar het oosten werd gestuurd. De trein reed doelloos rond, zonder eten, zonder voorzieningen en honderden mensen stierven per dag. Even buiten het plaatsje Tröbitz werd de trein door de Russen bevrijd, Pauline en Alida leven nog.

Aan de vooravond van de verjaardag van koningin Juliana heeft burgemeester mr. Arn. J. d’ Ailly mejuffrouw P. A. Vomberg de versierselen, behorend bij het ridderschap’ in de Orde van Oranje Nassau, opgespeld.

Pauline en Alida keren terug naar Nederland en Pauline werd op 10 juli 1945 ingeschreven op de Hoofdstraat 23 te Apeldoorn. Pauline ging de zorg weer in en ze bleef zich voor de Joodse gemeenschap inzetten. Ze gaat daarvoor naar Amsterdam en woonde vanaf 27 september 1945 op de Corellistraat 4-1, en vanaf 8 december 1955 op de Keizersgracht 116.

Ridderorde
In 1956 kreeg Pauline voor haar inzet de Ridderorde. Ze kreeg die in het bijzonder voor haar werk voor de Joodse voogdijverenigingen.  Haar werk op het gebied van de voogdij begon ze in 1932 toen zij secretaresse werd van de voogdijvereniging Lesammeiach Hajeled.
Na de oorlog bouwde mede Pauline in Amsterdam het Joodse voogdijwerk weer op.

Liefde
Pauline is het grootste deel van haar leven ongehuwd gebleven, maar ze was al jaren verliefd. Maar deze man was gehuwd en ze deed geen pogingen om zich op te dringen. Toen echter Sophia Levitus (Wildervank, 13 november 1891 – Rotterdam, 3 februari 1974), de vrouw van Abraham Meijer van Witsen (Woerden, 15 augustus 1891), boekhandelaar, houder van een antiquariaat, overleed stond ze hem bij en er ontstond een relatie. Op 15 september 1974 trouwden Abraham en Pauline in Rehovot door hun bevriende Rotterdamse rabbijn Vorst. Ze gingen in Rotterdam op de Karel Doormanstraat 230 wonen en bleven zes jaar getrouwd tot Abraham op 12 oktober 1980 overleed. Abraham is overigens bekend omdat hij de uitgave van het Rotterdamse standaardwerk Jizkor mogelijk maakte.

Herinneringen
Een lezer van de site herinnert zich dat het echtpaar Van Witsen jongens die Bar Mitswah werden altijd een cadeau gaven in de vorm van een boek.
Een andere lezer meldt dat Pauline in de laatste jaren van haar leven altijd bij de activiteiten van de NIG te Rotterdam was. Altijd, beslist en opgewerkt.

De zus van Pauline, Alida, overleed op 6 maart 1992 te Arnhem. Pauline overleed in Rotterdam op 23 mei 1996.

 

 

 

 

bron:
Stadsarchief Amsterdam, persoonskaart Pauline Alida Vomberg
Stadsarchief Rotterdam, gezinskaart Abraham Meijer van Witsen NL-RtGAR_494-03_851-540_0588720R.jpg

www.jodeninnederland.nl, lemma Pauline Alida Vormberg
“ridderorde”. “Nieuw Israelietisch weekblad“. Amsterdam, 04-05-1956. Geraadpleegd op Delpher op 12-01-2017, http://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010860813:mpeg21:a0052
Met dank aan Elsje Prins
Met dank aan Eduard Huisman

Illustratie:
“ridderorde”. “Nieuw Israelietisch weekblad“. Amsterdam, 04-05-1956. Geraadpleegd op Delpher op 12-01-2017, http://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010860813:mpeg21:a0052

laatst bijgewerkt:
6 januari 2020