In het Nieuw Israëlietisch Weekblad van 20 januari 1933 werd een uitgebreid artikel gewijd aan het geslacht Hertzberger. Hier de tekst in de spelling van 1933.
‘Gedurende de Napoleontische oorlogen, een tijd van onzekerheid en onrust voor gansch Europa, verhuisden vele families uit naburige landen naar Nederland. In Crefeld woonde toentertijd een jonge man van groote wilskracht, Andries Hertzberger, die Duitschland verliet en zich in Roermond neerzette, om zich later duurzaam te Eindhoven te vestigen. Het Nederlandsche Jodendom had alle reden, om zich met deze aanwinst te verheugen, want het van hem stammende geslacht, waaromtrent hier eenige bijzonderheden volgen, heeft zich op bijzondere wijze verdienstelijk gemaakt voor de Joodsche belangen en neemt in onze samenleving een eervolle plaats in.
Andries Hertzberger wist zich in Eindhoven de algemeene achting te verwerven en werd, zooals het toentertijd heette Manhig-opzichter der Israëlietische gemeente, een ambt dat hij met groote ambitie waarnam. De geest van den vader ging op zijn kinderen over. Zijn dochter was gehuwd met den heer De Heer, den vader van den tegenwoordigen verdienstelijken voorzitter der gemeente. Zijn beide zoons, A. B. en Em. Hertzberger drukten zijn voetstappen en hebben eveneens veel tot den bloei der gemeente Eindhoven bijgedragen.
A. B. heeft na zijn vaders dood vele jaren als voorzitter der gemeente gefungeerd, terwijl Emanuel – meer populair Mendele genoemd – veel liefde voor de Thorastudie aan den dag legde. In de gemeente woonde een bekwaam Thorakundige, een lid der bekende familie Weijl, met wien hij dagelijks de Thora beoefende. Hij stichtte de Vereeniging „Talmud Thora” en was, terwijl zijn broeder A. B. als parnas het gemeentebelang bevorderde, werkzaam als gabbai der vereeniging „Gemiloes Gassodiem”. Nadat A. B. wegens gezondheidsredenen zijn taak als parnas had neergelegd, werd Emanuel lid van den Kerkeraad.
Bij zijn 70sten verjaardag schonk de Opperrabbijn ad interim, de Wel Eerwaarde heer S. J. S. Hirsch, hem den goweir-titel. Na een zegenrijken arbeid voor de Joodsche gemeente overleed Emanuel Hertzberger in 1917 op 82-jarigen leeftijd. Dat Emanuel Hetrzberger een merkwaardig man moet zijn geweest, toont het geslacht, dat van hem is afgestamd. De geschiedenis heeft ons de herinnering aan verschillende families bewaard, waarvan de leden allen verre boven de middelmaat zijn uitgekomen. Te vermelden zijn bijvoorbeeld de acht zonen van R. Ascher ben Jechiel, allen grootheden op Talmudisch gebied. In onze dagen kennen we de vier broeders Carlebach, de gebroeders Breuer, allen vooraanstaande mannen op Joodsch terrein. Aan zulk een geslacht – zij het dan ook niet van beroemdheden op Joodsch wetenschappelijk gebied – heeft Emanuel Hertzberger het aanzijn geschonken. Een geslacht van vijf zoons; mannen van zeldzame geestkracht en ijver, van groote liefde voor het Jodendom, die op het door hen gekozen terrein reeds veel goeds hebben tot stand gebracht en van wien men nog veel goeds kan verwachten.
De heer Emanuel Hertzberger was gehuwd met de jongste dochter van R. Zawel (Sam.) Hartogensis uit ’s Bosch, uit welk huwelijk zijn gesproten de vijf zoons Leopold, André, Jacques, Herman en Maurits en twee dochters. Na den dood van deze edele vrouw is hij voor de tweede maal gehuwd met een zuster van Mr. S. J. Cohen uit Leeuwarden. De levensgang van deze vijf mannen tot dusver dwingt bewondering af en tevens dankbaarheid om het vele goede, door hen reeds gewrocht. Bij allen treffen ons de trouw en de gehechtheid aan het Jodendom, die zich in hun daden manifesteeren; hun toewijding aan de Joodsche belangen; hun karaktervastheid, doortastendheid en hun geest van initiatief. In tal van besturen hebben zij zitting, ieder naar zijn aard en aanleg en naar zijn speciale voorkeur en in welken kring zij verkeeren, steeds weten zij door hun helder inzicht en vurig temperament een leidende plaats te verwerven. Een bestuursfunctie door de Hertzbergers vervuld, wordt door hen niet als een sinecure beschouwd, maar zij wijden zich daaraan met algeheele overgave van hun persoon, met opoffering van tijd, geld «n rust.

De oudste van het vijftal broeders, Leopold, studeerde in Utrecht. Wegens zijn huwelijk met een dochter van den heer A. M. Kuyt, in leven voorzitter der gemeente Sneek, vestigde hij zich in die gemeente. In Sneek verkreeg hij een zeer drukke praktijk en specialiseerde zich in de Röntgenologie en de stofwisselingsziekten. Op dit gebied was hij de vraagbaak voor de geheele provincie. Hij heeft veel gedaan voor de volksontwikkeling en was medestichter en voorzitter der Openbare Leeszaal. De afdeeling der Alliance Israélite werd door hem in ’t leven geroepen. Bijzondere vereering koesterde hij voor Opperrabbijn Rudelshèim, wien hij een eeuwigdurend monument oprichtte in de Rudelsheimstichting. Wat de heer Hertzberger voor deze inrichting beteekent, is van algemeene bekendheid. Na de wijziging van de Wet op het H. O. promoveerde hij als doctor in de geneeskunde. Kort daarop vestigde hij zich in Amsterdam. Zijn uitstekende kwaliteiten vonden ook in zijn nieuwe woonplaats erkenning. Hij fungeerde eenigen tijd als voorzitter der Bene Berithloge en bestuurder van Beth Refoea. Van zijn beide zoons erfde de oudste zijn liefde voor het boek en stichtte het Internationaal Antiquariaat, de jongste zijn liefde voor de geneeskunde en werd arts. Dr. L. Hertzberger is ridder in de Orde van Oranje Nassau.

De tweede broeder, André, vestigde zich eerst in zijn geboorteplaats Eindhoven, waar hij na den dood zijns vaders bestuurder der Vereeniging „Gemiloeth Gassodiem” werd. Hij vertrok evenwel spoedig naar Amsterdam, waar hij de bekende confectie-industrie stichtte. Het duurde niet lang, of zijn ongewone kwaliteiten trokken de aandacht; hij werd tot lid van den kerkeraad gekozen en vervolgens tot lid van de Commissie van Financiën der N. I. H. S. De naam André Hertzberger is een symbool en zal als zoodanig blijven leven; een symbool van onvermoeide arbeid en rustelooze werkzaamheid tot bevordering van de belangen – inzonderheid de financieele belangen – der N. I. H. S. Hiervoor legt hij het volle gewicht zijner persoonlijkheid in de schaal. Wie medewerkt tot versteviging van de financieele grondslagen der gemeente, is zijn vriend; weigering of nalatigheid ten dezen, beschouwt hij als een persoonlijke schadepost voor zichzelf. Zijn vurige welsprekendheid en overredingskracht weet bij de lauwen en onverschilligen wonderen te verrichten. Daarbij heeft hij een goed hart en toont zich, wanneer geen onwil doch onmacht valt te constateeren, soepel en tot overleg bereid.
De Hoofdsynagoge heeft veel aan hem te danken, gelijk algemeen wordt erkend. Als voorzitter der Nederlandsch Israëlietische Kiesvereeniging bezit hij het volle vertrouwen der leden. Zijn impulsieve natuur maakt hem tot den leider bij uitstek van de verkiezingen en de candidaten der Nederlandsch Israëlitisch Kerkgenootschap hebben dan ook nog nooit het onderspit gedolven. De heer Hertzberger is ook regent-voorzitter van het Tehuis voor Oude Lieden te Gouda en regent van het C. I. W. te Leiden. Ook In deze eereambten weet hij zich onmisbaar te maken.

De derde zoon, Jacques, die aanvankelijk het artsdiploma wilde behalen, zag om gezondheidsredenen hiervan af en koos het levensverzekeringsbedrijf. Hij vestigde zich in Groningen, waar hij spoedig in het gemeenteleven een vooraanstaande plaats innam. Hij werd benoemd tot voorzitter van het Armbestuur en was als zoodanig tevens bestuurslid van Beth Zekeniem. Van de nuttig werkende Joodsche Vacantie Kolonie was hij medeoprichter. De heer J. Hertzberger vestigde zich later in Den Haag en trok ook daar spoedig de aandacht. Als candidaat van de nieuw opgerichte Joodsche kiesvereeniging werd hij lid van den Kerkeraad. Hij voelde zich daar echter niet op zijn plaats en nam spoedig weer ontslag. Thans bevordert hij het directe gemeentebelang als vice-voorzitter dezer kiesvereeniging en als voorzitter eener joodsche wijkvereeniging. De heer Hertzberger is ook lid van het afdelingsbestuur der Rudelsheimstichting. Het Zionisme vindt in den heer J. Hertzberger een enthousiast bewonderaar en bevorderaar. Hij was reeds lid van het eerste bondsbestuur in Nederland en tevens J. N. F.-commissaris. Zijn religieuse opvattingen brachten hem tot de Mizrachie-idee en hij is dan ook mede-oprichter der Nederlandsche Mizrachie. Thans is hij bij de onafhankelijke Mizrachie aangesloten. Desniettemin is bij ook Allianceman en gedurende zijn verblijf te Groningen was hij lid van het Ned. Comité van deze afdeeling. Bij zijn vertrek naar Den Haag legde hij zijn lidmaatschap van het Comité neder.
De vierde broeder, Herman, te Rotterdam woonachtig, heeft zich niet op zoo jeugdigen leeftijd als zijn broeders voor Joodsche zaken geïnteresseerd. Gedurende de oorlogsjaren was hij directeur van het Rijkskleedingbureau; zijn werkzaamheid als zoodanig verschafte hem de orde van Officier van Orange Nassau. Een reis door Palestina deed hem als geestdriftig voorstander van den Zionistischen Palestinaopbouw terugkeeren en hij werd dus een ijverig lid van het Curatorium van het Palestina Opbouwfonds. Hij is lid van het Armbestuur en tevens regent van het Israëlitisch Ziekenhuis te Rotterdam.
De vijfde broer, Maurits Hertzberger, is geneesheer te Rotterdam en een man van invloed in de Rotterdamsche gemeente. Zijn medewerking wordt voor vele belangen gevraagd en hij trekt zich slechts zelden terug. Hij is lid van den kerkeraad en doet in dit college soms forsche – voor sommigen niet altijd aangename – geluiden hooren. Sinds de stichting fungeerde hij als voorzitter van den Onderwijsraad, welk ambt hij echter uit gebrek aan tijd neerlegde. Hij is bestuurder ,van Montefiore en Kindervoeding. Men gelooft algemeen, dat Dr. M. Hertzberger zijn hoogtepunt als gemeentelijk werker nog niet heeft bereikt. Laat ons hopen, dat de kinderen uit het huis Emanuel Hertzberger nog veel voor het Jodendom zullen verrichten en ook hun jongeren zich eenmaal de waardige opvolgers der ouderen zullen toonen.’
bron:
Het geslacht Hertzberger, “Nieuw Israelietisch weekblad”. Amsterdam, 20-01-1933, p. 5. Geraadpleegd op Delpher op 15-06-2026, https://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010874813:mpeg21:p029.
illustraties:
Het geslacht Hertzberger, “Nieuw Israelietisch weekblad”. Amsterdam, 20-01-1933, p. 5. Geraadpleegd op Delpher op 15-06-2026, https://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010874813:mpeg21:p029.
gepubliceerd:
15 juli 2026
laatst bijgewerkt:
15 juli 2026