Adah, Edith en Judith Polak

Herinneringen aan een onbezorgde kindertijd

Oisterwijk, Groot Speijck, mei 1927. Bovenaan van links naar rechts: Edith Polak (Tilburg, 1921), Guus Monnickendam (Amsterdam, 1921- Mauthausen, 1941), Ernst Elzas (Tilburg, 1919 – Vught, 2010), Bertram Polak (Tilburg, 1918 – Auschwitz, 1942), mogelijk Jules Keijzer (neef van Bertram; Steenwijk, 1915 – Sobibor, 1943), Ellie Gersons (Tilburg, 1918 – Hilversum, 1998), Paula Elzas (1916-2005), Adah Polak (Tilburg, 1919), Floortje Polak (Tilburg, 1921 – Springfield MA, 2011), Leny Gersons (Tilburg, 1919 – Hilversum, 1968). De vier kleine meisjes vooraan zijn Sonja Monnickendam (Tilburg, 1923 – Auschwitz, 1943), Leonie Polak (Tilburg, 1923 – New York, 1955), Judith Polak (Tilburg, 1923) en Louise (Wiesje) Polak (Tilburg, 1923 – Des Moines, 1968).

In de jaren twintig en dertig van de vorige eeuw bezochten de beide families Polak uit Tilburg geregeld Groot Speijck. Vaak gingen ze samen met hun Joodse vrienden uit de buurt. Zo ook op de dag dat deze foto werd gemaakt, een zonnige meidag in 1927. De kinderen werden bij elkaar gezet voor een mooie groepsfoto. Met op de achtergrond tussen de bomen de uitspanning Groot Speijck. Een vrolijk groepje kinderen, zich niet bewust van de vreselijke dingen die komen zouden.

Van alle kinderen op de foto zijn drie personen nog in leven. De zussen Adah Cohn-Polak (1919), Edith Spitz-Polak (1921) en Judith Rothstein-Polak (1923) vertellen hun verhaal. ‘In mei 1940 reden de twee families Polak naar IJmuiden. Aangekomen in de haven hoorden ze dat Nederland zich zojuist had overgegeven aan Duitsland en dat er geen passagiersschepen meer zouden varen. Op het nippertje – in alle commotie de bagage achterlatend – wisten ze op een al varend vrachtschip te springen. Onderweg werden ze door de Duitsers gebombardeerd, maar het schip bereikte uiteindelijk Engeland. Van daaruit reisden ze allemaal – op neef Bertram na, die tot hun grote verdriet als gemobiliseerd soldaat in Nederland was achtergebleven – naar de Verenigde Staten.’ De drie zussen koesteren nog altijd mooie herinneringen aan hun jeugd in Nederland. Zo ook aan de uitstapjes naar Groot Speijck.

Zandweg
Adah: “We gingen naar Oisterwijk met de bus tot de Gemullenhoek. Dan moesten we nog een stuk over de zandweg lopen tot Groot Speijck. Soms was het echt heet en niet prettig. Ik heb nog steeds bewondering voor de moeders die hun kinderen meesleepten over die hete weg! Bij Groot Speijck aangekomen kregen we dan op het terras altijd een flesje ‘prik’ te drinken, dat was soda met een kleurtje.”

Op de schommel bij Groot Speijck: Judith (rechts, zittend) met haar nichtjes Leonie en Wiesje. Het meisje rechts van de schommel is een ander nichtje, Hanna Sanders (Rotterdam 1921 – Gesher HaZiv, Israël 2008). Links staat Edith.

Schommels
Judith: “Op zondagen en vrije woensdagmiddagen reden we vanuit Tilburg vaak naar Groot Speijck, met de bus of op de fiets. In het speeltuintje konden we heerlijk spelen. Er hingen schommels aan lange touwen en ik herinner me dat we het altijd zo leuk vonden om te zien hoe hoog we konden gaan. We maakten wandelingen in de Oisterwijkse bossen en ik weet nog dat de prachtige vennen vol waren met waterlelies en kikkers. We plukten er paddenstoelen – voornamelijk cantharellen – en bosbessen. Het zijn mooie herinneringen aan gelukkige tijden!“

Foto’s kijken
De drie hoogbejaarde zussen leiden nog altijd een actief bestaan: ze sporten, doen vrijwilligerswerk en hebben inmiddels een hele schare aan kinderen, kleinkinderen en achterkleinkinderen. Adah en Edith wonen in Israël, Judith woont in de Verenigde Staten.
Adah: “Als we naar de foto’s kijken denken we aan onze onbezorgde kinderjaren. Maar natuurlijk ook aan al die lieve kinderen… Aan onze neef Bertram en aan Guus, Sonja en Jules die zijn vermoord in de concentratiekampen. Leny en Ellie belandden ook in concentratiekampen, maar hebben het, in tegenstelling tot hun ouders, overleefd. Paula, Hanna en Ernst waren ondergedoken en overleefden de oorlog. De meisjes Polak (wij drieën en onze nichtjes Leonie, Wiesje en Floortje) hebben nog het meest geluk gehad doordat we naar Amerika konden vluchten en daar in vrijheid leefden.”

Adah, Esther en Judith zijn dochters van Seraphina van Cleeff en Alfred Polak.

bron:
Hester van Delden, Groot Speijck, parel in ‘t groen voor de Vereniging Natuurmonumenten.
Met vriendelijke toestemming van Hester van Delden voor de tekst en de foto’s. Meer werk van Hester via www.parelduiken.nl
Met dank aan Irma de Potter, Boswachter communicatie en beleven

illustraties
© collectie Adah, Edith en Judith Polak met toestemming van Hester van Delden.

laatst bijgewerkt:
11 februari 2020