’s Gravendeel en Puttershoek

Weverseinde Puttershoek 1914. Collectie Regionaal Archief Dordrecht beeldbank 552_313637

In ‘s-Gravendeel/Puttershoek was er een kleine Joodse gemeenschap. In 1811 bouwde deze gemeenschap een eigen synagoge.
Officieel viel deze gemeenschap tot 1867 bij de Joodse gemeente van Oud-Beijerland. In 1920 werd de gemeente opgeheven en bij die van Dordrecht gevoegd.

Er bestond in ‘s-Gravendeel/Puttershoek een eigen begrafeniscollege. Vanaf 1893 werden de doden echter begraven op de begraafplaats van Strijen.  Na 1800 zijn er in 1809 41 Joden in deze plaats geregistreerd. Het maximum was in 1840, toen waren er 55 Joodse inwoners. In 1910 woonden er 36 Joden in ’s Gavendeel. Dit aantal loopt terug tot drie Joodse inwoners in 1930.

Sefer Thora
Op 17 juni 1877 werd in de Israëlitische Gemeente ’s Gravendeel/Puttershoek een nieuwe Sefer Thora (wetsrol) ingewijd. De wetsrol was geschreven door de heren Wagenaar en Con uit Amsterdam. Verder werd er – waarschijnlijk – een nieuwe Parochet (voorhang) geschonken door de vrouwenvereniging Ezrath Hanasjim Ledaber Toviem (opgericht 1885). De heer I. van Leers uit Oud-Beijerland droeg de wetsrol naar binnen, onder een Choepa die vier kohaniem droegen. De wetsrol werd ontvangen door chazan (voorzanger) en oudste lid Em. Hartog.
Op 20 en 21 januari 1894 was het wederom feest in de gemeente, er werd een nieuwe wetsrol ingewijd. De voorzitter, Simon Klein, aanvaarde het geschenk.

’s Gravendeel

Slager M. Frank
In 1906 was slager M. Frank gevestigd in ’s Gravendeel. Hij zocht een leerling en op sjabbat en jom tov (feestdagen) was men vrij. Vermoedelijk was dit Mozes Frank (Klundert, 3 september 1859) die op 16 maart 1911 overleed, 51 jaar oud. Mozes was gehuwd met Rachel den Hartog (Barendrecht, 1836 – Strijen, 16 februari 1919).
Het Nieuw Israëlietisch Weekblad van 24 maart 1911 schreef: ‘Mozes Frank Is niet meer. Een schok ging door onze kleine kille, toen deze droeve tijding vernomen werd. Met hem is heengegaan een ware jehoedie, een steunpilaar zijner gemeente, welke hij zoo liefhad. Het leven van hem met een kort woord hier te schetsen, is onmogelijk, maar toch eenige woorden van waardeering zijn hier zeker niet misplaatst. Zij toch, die hem in zijn braven levenswandel kenden, weten, dat hij steeds zijn beste krachten gaf voor verheffing van onzen dierbaren godsdienst. De plaats van secretaris-penningmeester is door hem 27 jaar steeds vervuld op eene wijze boven allen lof verheven. Laat het voor de diepbedroefde weduwe en kinderen een troost zijn, dat een door elk geacht en bemind man van hen is heengegaan, wiens nagedachtenis door allen, die hem gekend hebben zeer zeker in eere zal gehouden worden.’

Abraham Hartog en Jeanette Mina Snatager
Abraham Hartog (‘s-Gravendeel, – Sobibor, ) verloofde zich op 15 mei 1909 in Zutphen met Jeanette Mina Snatager (Zutphen, – Sobibor, ). Zij kregen twee dochters; Flora (‘s-Gravendeel, – Sobibor, ) en Gudula (‘s-Gravendeel, – Sobibor, ).

Emanuel Hartog en Rozalina de Groot
Emanuel Hartog (‘s-Gravendeel, – Auschwitz, ) verloofde zich op 3 november 1907 met Rozalina de Groot (Gestel, – Sobibor, ). Zij vestigden zich in Dordrecht waar Emanuel voor en in het begin van de bezetting bode was voor de Joodse gemeente. Emanuel en Roosje kregen een dochter Engelina (‘s-Gravendeel, – Sobibor, ). Volgens de geboorteadvertentie in het Nieuw Israëlietisch Weekblad van 18 juni 1909 heette Engelina echter Rosaliene, wat onwaarschijnlijk is. Het is geen Joodse traditie om kinderen naar ouders te vernoemen.

Slager H. Hartog
Rond 1906 was er een slager H. Hartog in ’s Gravendeel gevestigd. Hij zocht in dat jaar een slagersknecht. De slager bezorgde aan huis, want de knecht moest goed met paard en wagen kunnen omgaan. Op sjabbat en de feestdagen was de slagerij gesloten.

Herman Hartog en Gudula Frank
Herman Hartog (Mijnsheerenland, 29 mei 1830 – Rotterdam, 7 juli 1916) herdacht op 14 juni 1910 zijn tachtigste verjaardag. Hij woonde in die tijd in ’s Gravendeel met zijn echtgenote Gudula Frank (Linnich, Jülich, Rheinprovinz, Preußen, 1 mei 1834 – Rotterdam, 23 december 1914). Gudula en Herman waren ouders van Kaatje Hartog (‘s-Gravendeel, 2 oktober 1866 – Auschwitz, 15 oktober 1942), Selomo (‘s-Gravendeel, – Auschwitz, ) en Abraham (‘s-Gravendeel, – Sobibor, ).

Selomo Hartog en Sara Monasch
Selomo Hartog (‘s-Gravendeel, – Auschwitz, ) verloofde zich op 2 juni 1907 met Sara Monasch (Dordrecht, – Auschwitz, ) uit Dordrecht. Ze trouwden en kregen vier kinderen; Gudula Rozette (Dordrecht, – Sobibor, ), Herman (Dordrecht, – Sobibor, ), Bertha (Dordrecht, – Sobibor, ) en Louis (Dordrecht, – Sobibor,

Sofia Hartog
Sofia Hartog overleed hierop 3 maart 1906, 74 jaar oud.

Benjamin van Tijn en Hanna Jacobs
Benjamin van Tijn (’s Gravendeel, 20 september 1836) overleed in ’s Gravendeel op 6 januari 1915, 78 jaar oud. Zijn weduwe was Hanna Jacobs (Borne, 21 december 1848 – 21 mei 1937). Zij hadden twee kinderen; Sophia (’s Gravendeel, ) en Izaak (‘s-Gravendeel, – Sobibor, ).

Havendijk 41 – slager A. Hartog
Slager A. Hartog zocht in oktober 1912 een halfwas slagersknecht die goed met paard en wagen moest kunnen omgaan.

Zuidvoorstraat – Sientje Kleinkramer en Jacques van Vriesland
Sientje Kleinkramer (‘s-Gravendeel, – Auschwitz,

Zuidvoorstraat – Ruben Kleinkramer
Een broer van Sientje Kleinkramer, Ruben Salomon (‘s-Gravendeel, – Sobibor, ) verloofde zich op 24 januari 1919 met een zus van Jacques Philip van Vriesland, Roosje (Gorinchem, – Auschwitz, ). Het werd geen huwelijk. Roosje trouwde met Leonard van Dijk (Geffen, – Auschwitz, ), Ruben trouwde met Eva Breemer (Dordrecht, – Sobibor, ). Eva en Ruben kregen twee zoons; Hendrik (Dordrecht, – Sobibor, ) en Simon (Dordrecht, – Sobibor, ).

 

Puttershoek

Openbare School
Op de Openbare School in Puttershoek werkte Philip van Tijn (Puttershoek, 3 december 1877 – Rotterdam, 25 augustus 1929) rond 1910. Hij legde, met gunstig gevolg, het examen tot hoofdonderwijzer af. In 1911 werd hij onderwijzer bij een van de openbare scholen in Rotterdam. Philip huwde op 22 mei 1918 met Sophie Eis (Bingen, 6 juli 1884).

David Mozes Fontijn
David Mozes Fontijn was 104 jaar oud toen hij op 27 juni 1851 overleed. Het Israëlitisch weekblad meldde dat hij tot zijn laatste uren zijn geestvermogens behield en slechts korte tijd bedlegerig was.

Abraham van Tijn
Abraham van Tijn (Puttershoek, – Amsterdam, ) verloofde zich in oktober 1900 met Sara Godschalk (Heusden, – Amsterdam, ). Zij kregen drie kinderen; Hartog (Amsterdam, – Auschwitz, ), Maurits (Amsterdam, – a/b Tamahoko Maru 2, ) en Johanna (Amsterdam, – Auschwitz, ).

Roosje van Tijn
Roosje van Tijn was een dochter van Benjamin van Tijn (Puttershoek, 17 februari 1832 – Rotterdam, 19 april 1915) en Leentje Horneman (Oudewater, 7 september 1838 – Puttershoek, 26 november 1885) en werd op 18 november 1874 geboren in Puttershoek als vijfde van negen kinderen. De kinderen waren: Hester (Puttershoek, 18 juli 1867), Elias (Puttershoek, 22 januari 1869 – Haarlem, 3 augustus 1937), Roosje (Puttershoek, 27 maart 1871 – 15 juni 1871), Mozes (Puttershoek, 24 juni 1872 – Amsterdam, 26 februari 1924), Roosje (Puttershoek, 18 november 1874 – Auschwitz, 15 oktober 1942), David (Puttershoek, 14 september 1876 – 24 januari 1877), Philip (Puttershoek, 3 december 1877 – Rotterdam, 25 augustus 1929; begraven op het Toepad), David (Puttershoek, 17 juni 1880 – Rotterdam, 11 mei 1918) en Benjamin (Puttershoek, 27 maart 1885 – Puttershoek, 27 maart 1885).

Vader Benjamin werd in de volksmond Ben de Jood genoemd. Ben was van beroep koopman en hij reisde met zijn hondenkar van deur tot deur in de omgeving van Puttershoek. De kinderen Van Tijn bezoeken in Puttershoek de openbare lagere school.
Moeder Leentje overleed in 1886 op jonge leeftijd, slechts 44 jaar oud. Vader overleed in 1915.
Roosje trouwde niet en had tot 1934 een winkeltje in cadeau en luxeartikelen aan het Weverseinde 18 in Puttershoek. Deze winkel verkocht ze aan schildersbedrijf Den Hartog, en Roosje vertrok daarna naar Rotterdam. Daarmee was ze de laatste Jood uit Puttershoek en met haar vertrek stopte het Joodse leven in deze plaats.

In Rotterdam werd Roosje ingeschreven op 7 november 1934. Op haar persoonskaart staat dat ze geen beroep heeft en ze woont op vele adressen in de stad, zoals: Kipstraat 26a, Kruisstraat 4b, Boerensteiger 47b, Gedempte Botersloot 163b, Bolwerk 6, Claes de Vrieselaan 31a, 2e Middellandstraat 17b, Schiedamseweg 259b, Katshoek 10a, Voorburgstraat 128b en als laatste adres de Abraham Kuyperlaan 14a. Bij al die adressen staat dat ze inwonend is.

Wanneer de bezetting begint, is de enige familie die Roosje nog heeft haar zus Hester, die op de Essenburgsingel 67a woont. Haar broer Elias is in 1937 al overleden.

De deportaties in Rotterdam beginnen op 30 juli 1942 en 2000 Rotterdamse Joden kregen de oproep om zich te melden bij Loods 24. Er komen er 1120 en velen duiken dan onder. Roosje, die al wat ouder is, zal waarschijnlijk niet bij die eerste groep gezeten hebben. Dan volgt op 8 oktober 1942 een oproep waarbij ook de Joodse Rotterdammers worden opgeroepen die tussen de 60 en 69 jaar oud zijn. Waarschijnlijk zat Roosje bij deze groep en ze werd in Auschwitz vermoord op 15 oktober 1942.
Haar zus Hester, die gehuwd was met Barend Isaacs (3 december1865 – 3 april 1923), overleed op 14 november 1942 in Rotterdam. Zij liet een dochter na, Leentje Isaacs (Vlaardingen, 29 september 1894 – Rotterdam, 14 maart 1981, begraven op het Toepad).

 

 

 

bron:
Michman, Jozeph e.a., Pinkas, geschiedenis van de Joodse gemeenschap in Nederland (Jeruzalem 1985),
website JHM,
www.dutchjewry.org, pagina Benjamin van Tijn en Leentje Horneman (geraadpleegd 23 nov 2014),
communityjoodsmonument.nl, pagina Hester Isaacs – van Tijn (geraadpleegd 23 nov 2014).
Winter, Leni de, Roosje was laatste Joodse inwoonster, Het Kompas, 2 mei 2014,
www.genealogieonline.nl, stamboom van der waal, gegevens Leentje Hoorneman (geraadpleegd 23 nov 2014),
stadsarchief Rotterdam, persoonskaart Roosje van Tijn.
Sefer Tora, “Nieuw Israelietisch weekblad”. Amsterdam, 24-06-1870, p. 195. Geraadpleegd op Delpher op 24-12-2025, https://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010873158:mpeg21:p003.
Wetsrol, “Centraal blad voor Israëlieten in Nederland”. Amsterdam, 02-02-1894, p. 5. Geraadpleegd op Delpher op 24-12-2025, https://resolver.kb.nl/resolve?urn=MMKB19:000566072:mpeg21:p00005.
Sofia Hartog, Familiebericht. “Nieuw Israelietisch weekblad”. Amsterdam, 09-03-1906, p. 6. Geraadpleegd op Delpher op 24-12-2025, https://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010871828:mpeg21:p006.
Slagerij Hartog, Advertentie. “Nieuw Israelietisch weekblad”. Amsterdam, 27-04-1906, p. 8. Geraadpleegd op Delpher op 24-12-2025, https://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010871835:mpeg21:p008.
Slagersleerling, “Nieuw Israelietisch weekblad”. Amsterdam, 03-08-1906, p. 8. Geraadpleegd op Delpher op 24-12-2025, https://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010871849:mpeg21:p008.
Hartog Monasch, Familiebericht. “Nieuw Israelietisch weekblad”. Amsterdam, 07-06-1907, p. 6. Geraadpleegd op Delpher op 24-12-2025, https://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010871789:mpeg21:p006.
Hartog – de Groot, Familiebericht. “Nieuw Israelietisch weekblad”. Amsterdam, 08-11-1907, p. 2. Geraadpleegd op Delpher op 24-12-2025, https://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010872645:mpeg21:p006.
Abraham Hartog, Familiebericht. “Nieuw Israelietisch weekblad”. Amsterdam, 21-05-1909, p. 6. Geraadpleegd op Delpher op 24-12-2025, https://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010872692:mpeg21:p006.
Rosaliene, Familiebericht. “Nieuw Israelietisch weekblad”. Amsterdam, 18-06-1909, p. 6. Geraadpleegd op Delpher op 24-12-2025, https://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010872744:mpeg21:p006.
Herman Hartog, Familiebericht. “Nieuw Israelietisch weekblad”. Amsterdam, 10-06-1910, p. 5. Geraadpleegd op Delpher op 24-12-2025, https://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010872787:mpeg21:p005.
Joodse inwoners, Binnenland.. “Centraal blad voor Israëlieten in Nederland”. Amsterdam, 02-09-1910, p. 5. Geraadpleegd op Delpher op 24-12-2025, https://resolver.kb.nl/resolve?urn=MMKB19:000570026:mpeg21:p00005.
Mozes Frank, Familiebericht. “Nieuw Israelietisch weekblad”. Amsterdam, 24-03-1911, p. 6. Geraadpleegd op Delpher op 24-12-2025, https://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010859321:mpeg21:p006.
Mozes Frank, BINNENLAND.. “Nieuw Israelietisch weekblad”. Amsterdam, 24-03-1911, p. 11. Geraadpleegd op Delpher op 24-12-2025, https://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010859321:mpeg21:p011.
A. Hartog, Advertentie. “Nieuw Israelietisch weekblad”. Amsterdam, 25-10-1912, p. 7. Geraadpleegd op Delpher op 24-12-2025, https://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010860229:mpeg21:p007.
Benjamin van Tijn, Familiebericht. “Nieuw Israelietisch weekblad”. Amsterdam, 08-01-1915, p. 2. Geraadpleegd op Delpher op 24-12-2025, https://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010859547:mpeg21:p002.
Kleinkramer – van Vriesland, Familiebericht. “Nieuw Israelietisch weekblad”. Amsterdam, 07-03-1919, p. 5. Geraadpleegd op Delpher op 24-12-2025, https://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010859721:mpeg21:p005.
Roosje en Ruben, Familiebericht. “Nieuw Israelietisch weekblad”. Amsterdam, 24-01-1919, p. 7. Geraadpleegd op Delpher op 24-12-2025, https://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010859715:mpeg21:p007.
Goschalk van Tijn, Familiebericht. “Nieuw Israelietisch weekblad”. Amsterdam, 19-10-1900, p. 5. Geraadpleegd op Delpher op 24-12-2025, https://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010874277:mpeg21:p005.
Philip van Tijn, “Nieuw Israelietisch weekblad”. Amsterdam, 23-09-1910, p. 9. Geraadpleegd op Delpher op 24-12-2025, https://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010859295:mpeg21:p009.
Philip van Tijn, “Nieuw Israelietisch weekblad”. Amsterdam, 01-06-1911, p. 5. Geraadpleegd op Delpher op 24-12-2025, https://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010872734:mpeg21:p005.
Philip van Tijn, Stadsarchief Rotterdam, 494-03 Archief van de Gemeentesecretarie Rotterdam, afdeling Bevolking: bevolkingsboekhouding van Rotterdam en geannexeerde gemeenten, Inventarisnummer: 851-479.
David Mozes Fontijn, Israëlitisch weekblad. 4 juli 1851. Geraadpleegd op Delpher op 24-12-2025, https://resolver.kb.nl/resolve?urn=MMUBA15:005581087:00001.

illustratie
Prentbriefkaart Weverseinde Puttershoek (voor de dijkverzwaring).
Sofia Hartog, Familiebericht. “Nieuw Israelietisch weekblad”. Amsterdam, 09-03-1906, p. 6. Geraadpleegd op Delpher op 24-12-2025, https://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010871828:mpeg21:p006.
Slagersleerling, “Nieuw Israelietisch weekblad”. Amsterdam, 03-08-1906, p. 8. Geraadpleegd op Delpher op 24-12-2025, https://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010871849:mpeg21:p008.

Hartog Monasch, Familiebericht. “Nieuw Israelietisch weekblad”. Amsterdam, 07-06-1907, p. 6. Geraadpleegd op Delpher op 24-12-2025, https://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010871789:mpeg21:p006.
Hartog – de Groot, Familiebericht. “Nieuw Israelietisch weekblad”. Amsterdam, 08-11-1907, p. 2. Geraadpleegd op Delpher op 24-12-2025, https://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010872645:mpeg21:p006.
Kleinkramer – van Vriesland, Familiebericht. “Nieuw Israelietisch weekblad”. Amsterdam, 07-03-1919, p. 5. Geraadpleegd op Delpher op 24-12-2025, https://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010859721:mpeg21:p005.

gepubliceerd:
1 maart 2016

laatst bijgewerkt:
24 december 2025