Dirksland

1906

De Joodse gemeenschap van Dirksland is altijd klein geweest en sterk gericht op Middelharnis. Wel was er een Joodse begraafplaats in Dirksland, op de Oost Havendijk 8a. Op deze begraafplaats zijn de volgende personen begraven:
Belia Hartogs (1793-1846), Leon Cohen (1848-1894), Henriette Haagens (1849-1907), David Haagens (1825-1897), Kaatje van Os (1800-1876), Efraim Haagens (1799-1854), Aaron Izak Gazan (1785-1855), onbekend begraven in 1908, Elias David Hartogs (-1860) en Grietje Hartogs (1824-1889). Deze begraafplaats wordt onderhouden door de burgerlijke gemeente.

1912

De Joodse kinderen uit Dirksland kregen godsdienstles op de Joodse school in Middelharnis. In 1863 zaten er 38 leerlingen op deze school, in 1911 nog 20. De kinderen uit Dirksland gingen twee keer per week, op woensdagmiddag en zondag, met de tram naar deze school.

David Haagens
Bij zijn overlijden verscheen er een artikel over David Haagens in het Nieuw Israëlietisch Weekblad:
MIDDELHARNIS. Onverwacht trof onze gemeente een nieuwe slag. Zondagochtend ontvingen we het bericht, de heer D. Haagens te Dirksland heeft het tijdige leven met het eeuwige verwisseld. Met weemoed gewerd ons deze tijding. Wij zien in den heer Haagens weder een hoofdpersoon henengaan. Hg was een man van noeste vlijt, degelijk, arbeidzaam en streng jehoedie. Onophoudelijk was hij bezig voor het welzijn der zijnen. Rust kende hij niet en zoo hij de laatste dagen zijns levens ook al op zijn lauweren kon rusten, niets doen kende hij niet. Als oud-kerkbestuurder was hij jaren lang getrouw op zijn post. Vele moeilijkheden overwon hij door zijn helderen geest en goede wilskracht. Zoo zijn onze fraaie school, kerkelijk bad, huis en begraafplaats de vruchten van zijn onvermoeid streven. Wat hem bovenal aantrok, dit was de jeugd, de school. Als president der school-commissie deed hij het mogelijke het onderwijs te bevorderen. Geregeld bleef hij hoogte nemen van het onderwjjs en toonde zich een steun van den onderwijzer. De ledige plaats, door hem met eere bezet, zal niet spoedig door een ander worden ingenomen. Streng als hij was, wist hij te waardeeren wat met ijver werd volbracht, Bij de burgelijke gemeente was hij zeer geacht. Vele niet-Israëlieten begeleidden hem mede naar zijne laatste rustplaats. Bij de groeve werd door den leeraar de lijkrede uitgesproken en eenige welgemeende woorden van dank geuit namens besturen en gemeenteleden voor het vele goede door den overledene verricht. Moge de familie troost vinden bij het aandenken van het gunstig verleden des ontslapene en moge het Gode behagen onze gemeente te sparen, die in enkele weken drie harer flinkste mannen heeft verloren.

bron:
Jozeph Michman, Pinkas. Geschiedenis van de Joodse gemeenschap in Nederland (Ede 1992) 470
Joodse begraafplaats Dirksland op https://www.online-begraafplaatsen.nl/begraafplaats/2501/Joodse-begraafplaats-Dirksland-Dirksland (geraadpleegd 20 maart 2019)
“Binnenland Haagens. AMSTERDAM, 11 November 1897.”. “Nieuw Israelietisch weekblad”. Amsterdam, 12-11-1897. Geraadpleegd op Delpher op 19-03-2019, https://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010873288:mpeg21:a0038

illustratie:
“Advertentie Hammelburg”. “Nieuw Israelietisch weekblad”. Amsterdam, 04-05-1906. Geraadpleegd op Delpher op 19-03-2019, https://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010871836:mpeg21:a0019
“Advertentie”. “Nieuw Israelietisch weekblad”. Amsterdam, 19-04-1912. Geraadpleegd op Delpher op 19-03-2019, https://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010859377:mpeg21:a0034

laatst bijgewerkt:
19 maart 2019