Aleidisstraat

In Amsterdam waren er voor de oorlog Joodse buurten aan te wijzen, in Rotterdam was dat moeilijker. De Aleidisstraat ligt in een buurt waar voor de oorlog veel Joden woonden, maar het was geen Joodse wijk van de stad. Het is ook een straat waar verhalen samenkomen, zoals dat van Leon Hamburger die in zijn jeugd een verkeerde keuze maakte en het niet-Joodse café dat het bordje “Joodsche gasten niet gewenscht” tijdens de bezetting in ieder geval niet op tijd plaatste.

Aleidisstraat 54a en b – Kervezee
L. Kervezee was erkend installateur en op dit adres gevestigd. Hij wenste in september 1935 zijn clientèle een goed Joods nieuwjaar.

Aleidisstraat 56c – S Schaap
Salomon Schaap had een boter en kaaszaak ORT op de Oppert 165. Begin juli 1926 werd er een filiaal geopend op de Aleidisstraat 56c. Er werd ook koosjer brood verkocht, van de broodbakkerij “Hofdijk”. In augustus was de zaak open en adverteerde Schaap dat er roomboter, prima soorten kaas, jams, biscuit en brood te koop was en alles stond onder toezicht van Dr B L Ritter.

Aleidisstraat 67a – Hamburger

Leon Hamburger en Nellie Seckbach gingen na hun huwelijk in Utrecht op dit adres wonen. Leon maakte voor de oorlog een slechte keuze, het verhaal staat hier.

Aleidisstraat 78a – pension Van den Berg

Op dit adres was in juni 1940 Pension van den Berg gevestigd. Voor een bedrag van dfl. 10,– per persoon per week kon men daar verblijven. Diners waren er ook te gebruiken en als er gecatered werd kostte dat ƒ 0,75.
Mozes van den Berg (Oude Pekela, 28 september 1887 – Auschwitz, 3 september 1943) woonde hier met zijn vrouw Marie Josephs (Neustadt, 2 mei 1902 – Auschwitz, 3 september 1943) en hun zoon Dieter (Leer, 28 maart 1926 – Auschwitz, 22 september 1942).

Aleidisstraat 103 – café
Caféhouders moesten in de oorlog duidelijk aangeven dat Joden de zaak niet mochten betreden, dit door een bordje “Joodsche gasten niet gewenscht” dat vanaf de straat zichtbaar moest zijn. In Rotterdam werd hier voor het eerst op gecontroleerd op zaterdagmiddag 22 februari 1941. Op de 15e maart volgde er wederom een controle en de houdster van dit café deed naar aanleiding van deze controle aangifte bij de Justitiële Dienst.

Tijdens de controle hadden vier mannen van de WA haar zoon, de beheerder van de zaak, gevraagd waar de bekendmaking was opgehangen. Hij was op de 13e maart vader geworden en zich even niet om de zaak bekommerd. Dat was geen geldige reden en moest de zoon een boete van ƒ 10,- betalen. De WA vertrok met de mededeling dat er extra controles zouden plaatsvinden en als er Joodse gasten aangetroffen zouden worden, dit consequenties zou hebben.

De sjoah in de Aleidisstraat
Hoewel dit niet een heel grote straat is in deze wijk van Rotterdam werden er 105 bewoners van deze straat in de oorlog vermoord.

bron:
Nieuw Israëlietisch Weekblad, 25 juni 1926, S Schaap nummer 56c.
ibidem, 13 aug 1926, Schaap nummer 56c
ibidem, 27 sep 1935, Kervezee, nummer 54ab
ibidem, 21 juni 1940, v d Berg, nummer 78a
Riet, F A M van, Handhaven onder de nieuwe orde: de politieke geschiedenis van de Rotterdamse politie tijdens de Tweede Wereldoorlog (Amsterdam 2008) FGw: instituut voor Cultuur en Geschiedenis (ICG), (café).

laatst bijgewerkt:
17 mei 2019