Jacob Valk

Jacob Valk

Jacob Valk was een Joodse Rotterdammer die in de Maasstad werd geboren op 12 januari 1844 als zoon van Eliazar Valk (Rotterdam, 29 juni 1803 – Rotterdam, 10 mei 1884) en Anna van Gelder (Rotterdam, februari 1805 – Rotterdam, 10 december 1875). Op 17 december 1873 trouwde hij met Fransje Simonetta Hildesheim (Gorinchem, 23 september 1844) en zij kregen vijf kinderen, Simon (Rotterdam, 29 mei 1874), Joseph (Rotterdam, 8 december 1876- Auschwitz, oktober 1942), Benjamin (Rotterdam, 7 november 1878 – Sobibor, 20 maart 1943), Abraham (Rotterdam, 28 augustus 1881) en Leendert (Rotterdam, 17 april 1885). Fransje was al eerder gehuwd geweest met Hijman Menkes (Rotterdam, 16 februari 1848) die op de jonge leeftijd van 23 jaar op 27 juni 1871 in Gouda overleed. Fransje had met hem een dochter Roosje (Rotterdam, 26 mei 1871 – Auschwitz, 15 oktober 1942). Het gezin van Fransje en Jacob woonde doorgaans in het centrum van de stad, zoals op de 2e Lombardstraat 90, de Gedempte Binnenrotte 128b en de Oppert 156.

Vader Jacob Valk was ooit werkzaam bij de Rotterdamse waterpolitie. Zijn zoon Joseph begon op jonge leeftijd als loopjongen (zijn toekomstige schoonvader Isaac Brandel, 1845 – 1931, had op verzoek van Jacob Valk, een goed woordje voor zijn zoon Joseph gedaan) bij Van Den Berg Margarinefabrieken en werkte zich op tot karnmeester. Hij had een belangrijke functie en maakte diverse buitenlandse reizen. Halverwege zijn loopbaan kreeg hij een aanbod van concurrent Jurgens en zijn salaris zou zelfs verdubbeld worden. Meneer Van Den Berg bood hem dat bedrag toen ook. Uiteindelijk fuseerden Van den Berg en Jurgens en werd het bedrijf na de volgende fusie Unilever. Zijn hele leven antwoordde hij als men naar zijn functie vroeg hetzelfde, te weten fabrieksarbeider, en dat staat zelfs op zijn archiefkaart in het Rotterdamse Stadsarchief. Hij heeft in zijn loopbaan velen opgeleid, waaronder David van Gelderen.

Jan/Joseph Valk met zijn allereerste radio. Foto met dank aan Jannie van Duuren

Joseph (Jan) Valk was erg geïnteresseerd in nieuwe ontwikkelingen. Hij had als één van de eersten een radio. Ook filmde hij graag en bezat een Baby Pathé filmapparaat.
Het eerste huwelijk van Joseph werd op 20 september 1900 gesloten met Margaretha Brandel (Rotterdam, 12 mei 1876 – Rotterdam, 5 november 1917). Zij was degene die zei dat hij voortaan Jan genoemd moest worden. Joseph vond ze te ouderwets. Zij was voor haar huwelijk ‘kleuterjuf’. Als jong meisje had Margaretha al een hartkwaal. Als ze samen uitgingen droeg Joseph haar zo nodig de trappen naar het theater op. Margaretha en Joseph kregen een dochter, Saartje (Rotterdam, 1 juni 1903 – 5 februari 1999).  Margaretha Brandel overleed toen haar dochter 12 jaar was. Ervoor had zij aan Joseph gevraagd om na haar overlijden met Sebilla Cohen (Rotterdam, 28 februari 1881) te trouwen. Zij waren volle nichten van elkaar. Hun moeders, Saartje Rijs(t) ( 1844 – 1936) en Rosetta Rijs(t) (1855 – 1944) waren zusjes.

Foto van de familie van Fiet. Foto met dank aan Jannie van Duuren

Op 12 juni 1919 trouwde Joseph inderdaad met Sebilla (Fiet) Cohen. Saartje vond dat als jong meisje erg moeilijk. Achteraf vond ze zich geen ‘lieve dochter’ voor haar stiefmoeder. Ze wilde geen moeder zeggen maar noemde haar Ma. ‘Of ik nu Ma zeg of Bè, dat maakt niets uit’. Toen Saartje zelf trouwde zei Fiet: ‘ Nu kunnen we eindelijk vriendinnen zijn, niet elkaars concurrenten’.
De geboorte van de halfbroer van Saartje, Hans (Rotterdam, 9 maart 1920) vond thuis plaats. De bevalling ging moeizaam en Joseph werd gevraagd door de arts wie hij het eerst moest helpen, moeder of kind? Hij antwoordde: ‘De moeder’. Hans kreeg zuurstoftekort bij de geboorte en raakte daardoor invalide. Joseph heeft vrij spoedig daarna een vast iemand in dienst genomen om Fiet dagelijks te helpen. Toen de verzorging uiteindelijk te zwaar werd is Hans in het Apeldoornse Bosch terecht gekomen. Zijn geest was goed en schreef hij tijdens de oorlog nog aan Saartje/ Sary een brief met de dringende vraag wanneer hij weer naar Rotterdam mocht komen. Dat zijn ouders toen al weggehaald waren, wist hij niet.

Sary van Waveren – Valk. Foto met dank aan Jannie van Duuren

Saartje (Sary) Valk doorliep na de lagere school de Hoogere Burgerschool voor meisjes. In die tijd woonde het gezin op het Middellandsplein. Tijdens deze schooljaren raakte ze in de eerste klas bevriend met Stien Steenhof (getrouwd met Koos Timmermans van Timmermans kantoorboekhandel,) en Pini van Urk (van Van Urks pianohandel, getrouwd met Jo Kok, een Joods reserve officier en later directeur/ eigenaar van Koks machinefabrieken). Stien was katholiek, Pini protestants en Saartje Joods. Deze verschillende achtergronden waren nooit een obstakel! Ze bleven vrijwel tot het einde van hun leven vriendinnen. Pini werd in goede gezondheid 107 jaar. Saartje was ook dik bevriend met haar nichtje Jeanne Juliard (Rotterdam, 6 september 1901). Zij was een dochter van Jet (Judith) Brandel (Rotterdam, 13 juli 1872 – Sobibor, 16 april 1943) en Maurits Juliard (Den Haag, 31 maart 1877 – Sobibor, 16 april 1943). Zij woonden op de Proveniersstraat 44. Jet Brandel was een zusje van Gretha Brandel. Ook was Saartje erg gesteld op Ies Valk, een zoon van Anna Brandel (Rotterdam, 18 maart 1880 – Auschwitz, 15 december 1942), een andere zuster van Gretha Brandel en Ben (Benjamin) Valk (Rotterdam, 7 november 1878 – Sobibor, 20 maart 1943), een broer van Joseph. Zoon Ies van Anna en Benjamin kwam voor de oorlog om bij een treinongeluk.

lunchpauze bij Unilever. Met stippeltjesjurk Bep van de Burg-Coster, voor de man van de poffertjeskraam Sary Valk. Foto met dank aan Jannie van Duuren

Na de HBS heeft Sary een jaar bij Unilever in Londen gewerkt. Zij was daar samen met haar volle nicht Nettie Valk (Rotterdam, 6 december 1898). Nettie was de dochter van Simon Valk, een broer van Joseph, en van zijn vrouw Antoinetta Jeanson. Het huwelijk van Simon met Antoinetta was in juli 1907 beëindigd en Simon was in september 1907 hertrouwd met Louisette Son (Amsterdam, 1 juni 1871). Nettie Valk is later met Jack Horner, een Amerikaan, getrouwd. Tijdens het jaar in Londen woonden Sary en Nettie in Swiss Cottage in het Dutch Home for Women.

Zowel voor als tijdens haar huwelijk op 4 juli 1929 met Hendrik Anton van Waveren( Hein) heeft Sary als secretaresse in vier talen, zo vertelde ze altijd met trots, bij Unilever gewerkt. Mede door bemiddeling van haar vader mocht ze als één van de eerste getrouwde vrouwen blijven werken. Ook Hein werkte een groot gedeelte van hun huwelijk bij Unilever. Tot hij via Joseph Valk uitgezonden werd naar Zwitserland om een nieuwe margarinefabriek te helpen opzetten. Dit mislukte. Hein kreeg ontslag maar weigerde om alsnog via Joseph Valk bij Unilever aan de slag te gaan. Sary heeft hem dat altijd kwalijk genomen. Latere banen werden, mede door de oorlog en de blijvende trauma’s die hij tijdens zijn verdere leven opliep, nooit meer succesvol. Uiteindelijk is hij volkomen ziek en verlaten op 66-jarige leeftijd overleden.

Jan en Fiet op hun achterbalkon Burg. Meineszlaan 87b, genomen rond het begin van de Tweede Wereldoorlog. Foto met dank aan Jannie van Duuren

Sary en haar dochter bleven samen wonen tot het moment dat haar dochter trouwde. Daarna kwamen de eenzaamheid en de verloren dierbaren voor Sary steeds vaker op de voorgrond. Haar dochter heeft haar best gedaan om het leven voor Sary zo draaglijk mogelijk te maken maar uiteindelijk kon dat niet zonder professionele hulp. Haar dochter was genoodzaakt haar bewindvoerder te worden en zij heeft toen het Sinaïcentrum ingeschakeld. Sary heeft daar nog een flink aantal jaren gewoond. Aanvankelijk nam zij het haar dochter kwalijk dat ze een Joodse instelling had gekozen. Ze deed toch niets aan haar geloof! Maar deze vond en vindt dat men daar haar het beste kon helpen. Of Sary uiteindelijk echt dement werd, daar zet de dochter nog dagelijks vraagtekens bij.

Met de bezoekende Rabbijn sprak ze regelmatig en dan vaak in het Frans. Sientje Cohen, de langst levende zuster van Fiet heeft de laatste jaren van haar leven het contact verbroken, zoals ook Bep van de Burg Coster, hartsvriendin sinds de lagere school en collega bij Unilever. Bep raakte op latere leeftijd erg bevriend met Sientje. De vermoedelijke oorzaak was waarschijnlijk de hoge leeftijd, niet goed om weten te gaan met een steeds meer in de war rakende vrouw. Ook de paar nichten van de Brandellenkant lieten steeds minder van zich horen. Na het overlijden van Sary bezocht de dochter tante Bep. Zij was een soort tweede moeder voor haar. Ooit was ze de steun en toeverlaat tijdens Sary’s zwangerschap. Beiden woonden sinds hun huwelijk op de Spoorsingel en later boven elkaar op de Schieweg. Bep heeft daar tot haar dood gewoond.

Rond 2002 ontdekte de dochter haar  relatie met de familie Cohen via een artikel in ‘Het Joods Journaal’. Daar stond een interview met Job Cohen in, dit ging onder andere over zijn oudtantes die ondergedoken zaten. Toen heeft ze contact gezocht. Gelukkig leefde Dolf Cohen nog (Sary noemde hen altijd Doppie) en is ze bij hem op bezoek geweest. Job en Floris heeft ze later vaker ontmoet en komt ze nu ook op de familiereünies.  Het voelt alsof haar moeder postuum weer terug is bij haar familie.

bron:
Stadsarchief Rotterdam, archiefkaart Simon Valk
Stadsarchief Rotterdam, archiefkaart Jacob Valk
herinneringen Jannie van Duuren

Illustraties
met dank aan Jannie van Duuren

laatst bijgewerkt:
16 april 2018