Judko (Julius) Barmat

Judko Barmat werd op 18 december 1889 geboren in Umanj, 150 kilometer ten zuiden van Kiev als tweede van zeven kinderen van een rabbijn en leraar van de Talmoed, Abraham Barmat (Uman, 17 september 1867) en Schewa Pechowitsch (Tolschin, 2 april 1864). Kort na zijn geboorte verhuisde het gezin naar Lodz, Polen, en toen Julius dertien jaar was begon hij in deze plaats een opleiding aan de technische school.

Nog maar zestien jaar oud vertrok Judko – ook wel Julius genoemd – naar Nederland. Hij had een advertentie gezien waarin een in- en exportbedrijf vroeg om iemand die kon corresponderen met Russische en Poolse klanten.3 Hij kwam terecht op Beursplein in Rotterdam, waar Lowie de Winter (Dinther, 9 december 1853), koopman in manufacturen, hem oppikte en onderdak verleende. In die periode staan de volgende adressen op de persoonskaart van Judko: Prins Hendriklaan 7, juni 1909 – Weste Wagenstraat 36a, september 1909 – Jonker Fransstraat 87b en oktober 1909 – Boompjes 52a.  Later zou Louis zijn schoonvader worden, Judko trouwde in 1910 met zijn oudste dochter Rosa. Op 12 juni 1911 kreeg het paar hun zoon Louis Izaak.
In 1908 ging Judko werken bij Winterling & Co in Rotterdam, een bedrijf dat zich bezighield met de handel in Russische effecten en premieloten. Geheel zuivere koffie was het echter niet. Toen de eigenaren wegens oplichting gearresteerd werden, kreeg Judko als tweede man een belangrijk aandeel in het bedrijf, dat een doorstart maakte onder de naam Barmat & Co. Een jaar later, in juli 1911,  verhuisde het bedrijf naar Amsterdam. In de jaren 1908-1911 had Julius daarnaast nog een eigen taalschool (het Rotterdamsch Taalinstituut) en een internationale levensmiddelenhandel waarmee hij bakken geld verdiende. Verder werd Judko in 1908 actief in de SDAP, de voorloper van de PvdA.2 Al vanaf 1911 begonnen klachten binnen te komen dat Julius en consorten wel veel beloofden, maar niet betaalden of leverden.

De „Nieuwe Rotterdamsche Courant” schrijft:
Julius Barmat, de leider van het Barmatconcern, die zich thans in Berlijn in hechtenis bevindt, heeft geruimen tijd van 1908 tot 1912 in Rotterdam gewoond. Hij is te Londen gehuwd met Rosa de Winter. Bekend is, dat hij als translateur en leeraar aan de Berlitzschool te Rotterdam zijn brood verdiende. Minder bekend is, dat hij in nauwe relatie stond tot de firma Winterling en Co., een door Winterling en Eisner opgerichte premieloterij: Winterling en Co. veranderde later in Barmat en Co.; meermalen kwamen uit Rusland bij het toen te Rotterdam gevestigde Russische consulaat klachten in wegens zwendel, maar tot een vervolging is het nooit gekomen. Daar in Rusland ook de deelnemer aan een niet van staatswege goedgekeurde loterij strafbaar is, gelukte het niet de noodige getuigen voor te brengen om een strafprocedure aanhangig te maken.Eenmaal is aan de practijken van de firma waarin later nog zekere Bolander was opgenomen, een einde gemaakt. Alle paperassen werden op het toen aan de Leuvehaven gevestigde kantoor in beslag genomen. Daar zat voor een waarde van een f 700 in, welk bedrag de heeren die tien jaar later de millioenen konden laten dansen, niet zoo spoedig weer bijeen konden brengen, zoodat de verkoop van premieloten, waarop nooit iets werd uitbetaald, voor geruimen tijd stop stond.Van een soortgelijke in Utrecht gevestigde onderneming de maatschappij „Beider Belang” is Julius Barmat, wiens eigenlijke voornaam Judko is, ook eenigen tijd vertegenwoordiger geweest. De oorlog heeft dezen handigen Oekrainer, van wiens buitengewone en weinig scrupuleuze gladheid men de sterkste staaltjes hoort vertellen, zijn kans gebracht. Op 23 Mei 1916 is de Algemeene Export- en Import Maatschappij gesticht, ter voortzetting van de handelszaken van de firma Barmat en Co., met een kapitaal van f 100.000, waarvan, f 40.000 was gestort. In Unter den Linden 44 te Berlijn was een filiaal gevestigd; het hoofdkantoor was ondergebracht in het pand Keizersgracht 717 te Amsterdam. In het kantoor van Barmat is het bureau van de Tweede Internationale gevestigd geweest, nadat hij zijn oorspronkelijke en hechte relaties met de communisten. Barmat, die zich altijd onderscheiden heeft door een sterke antipathie tegen de tsarenregeering, heeft zich eenigen tijd vertegenwoordiger van de Sowjet-regeering genoemd, had verwisseld voor een nauwere verstandhouding tot de sociaal-democratische voormannen in Duitschland en ook in ons land. Over de relaties tot Duitsche regeeringspersonen van de Amexima zullen de in de komende maanden te wachten procedures misschien het licht laten schijnen, van den invloed van Barmat ook in Nederlandsche socialistische kringen spreekt het feit, dat hij reeds in 1918 — toen hij nog tot den heer Wijnkoop in nauwe betrekking stond en de door de Sowjet-heeren in Moskou voor de communistische propaganda in Scandinavië en Nederland beschikbaar gestelde gelden moest bezorgen — voorzien van een introductie uit socialistische kringen, zich tot regeeringsautoriteiten heeft gewend en het aanbod heeft gedaan te zorgen voor graanaanvoer uit de Oekraïne. Men was eerst van zins deze kans, hoe weinig vertrouwen men ook in ‘s mans macht had, om ons land, dat toen, wat zijn levensmiddelen voorziening betrof, in een zeer benarde positie verkeerde, te helpen, niet te laten voorbijgaan. Toen als voorbereidende maatregel Barmat het noodig vond zijn hier te lande wonende, landgenooten te registreeren, is van de heele zaak niets gekomen. We hebben dan ook in dien harden tijd geen korrel Oekrainsch graan aangevoerd gekregen. Een aantal bijzonderheden over de Amexima kan men vinden in een nummer van „Hansa Kurier” van 1920, waaruit al duidelijk blijkt hoezeer reeds toen de verhouding tusschen de Barmat’s en den Duitschen minister voor den levensmiddelvoorzining Schmidt in het oog liep. Barmat heet in dat blad de „sonderbare Günstling” van de rijksregeering en bolsjewistische „Millionennutzmesser der Deutschen Bettelarmut”. Over de inrichting van de firma bleek de „Hansa Kurier” uitstekend ingelicht, maar ze had haar licht ook opgestoken in de Wilhelmstrasze zelf, waar, zooals ze zegt, nog niet alle ambtenaren „stubenrein” waren.Barmat’s Amexima had in die dagen een personeel van 60 man; de familie de Winter, Barmat’s broer en neef speelden ook toen reeds een rol. Zijn invloed in Duitschland bleek uit het feit, dat hij in Nederland niet alleen allerlei levensmiddelen inkocht, maar bovendien het alleenrecht van invoer van textielgoederen en manufacturen uit Nederland naar Duitschland had. Barmat zelf stak, het niet onder stoelen of banken, dat hij o.a. aanbevelingsbrieven van president Ebert en de Wurtemburgscbe regeering bezat. Hij beroemde er zich op dat hij door zijn invloed op het Duitsche gezantschap in Nederland — en van iemand die daarvan geprofiteerd had, hebben wij de bevestiging van deze bewering gehoord — iedereen, dien hij wilde, zijn pas voor Duitschland bezorgen of ontnemen kon. Zijn auto zou hem door de Duitsche regeering verschaft zijn en 200 millioen mark (geen gedeprecieerde) waren hem ter beschikking gesteld voor zijn inkoopen. Wat van dit alles juist is zullen we waarschijnlijk binnen eenigen tijd wel hooren. Dat de Duitsche strafrechter de handen vol zal hebben aan dezen handigen en gewieksten zakenman, die aan de Hollandsche rechtbanken indertijd bekend was om zijn procedures over vorderingen op zijn firma voor geleverde goederen, daarvan kan u zeker zijn.

De  bakken met geld verdiende Judko in het begin vooral met de levensmiddelenhandel. In Polen en Duitsland verkocht hij tijdens de Eerste Wereldoorlog voedsel en schaarse goederen, samen met zijn broers die inmiddels ook in Nederland woonden. Judko had namelijk zijn familie laten overkomen toen het met hem economisch voorspoedig ging. In mei 1916 voegden de gebroeders hun zaken samen onder de naam Amexima: de Amsterdamse export- en Importmaatschappij. Het bedrijf vestigde zich aan de Keizersgracht 717. Judko liet in 1922 Oosterpark 77-78 verbouwen en woonde tussen 1917 tot medio 1924 in Amsterdam.

Keizersgracht 717 in 2017, nabij de Utrechtsestraat

Binnen enkele maanden stond het nu internationale bedrijf (met – later – kantoren in Wenen, Parijs en New York) op de zwarte lijst van landen als Engeland en Frankrijk vanwege de malafide praktijken die het uitvoerde. Het bedrijf handelde immers vanuit het neutrale Nederland met een van de strijdende partijen. Na de oorlog, in 1924, had Amexima maar liefst 60 vestigingen wereldwijd en was het persoonlijke vermogen van Julius opgelopen tot drie miljoen gulden. Het bedrijf was actief in de zware industrie (Westerwalder Braunkohlen AG, Hergenroth) , bankenwereld, het staalbedrijf (Berlin-Burger Eisenwerke, Eisengießerei und Maschinenfabrik J Roth AG, Berlin), de kustvaart, een houtzagerij, het verzekeringswezen en een motorenfabriek.

In deze periode kocht Julius Barmat een villa nabij Berlijn, in de wijk Schwanenwerder bij de Wannsee. Met de achtergrond van het opkomende antisemitisme werd deze wijk door fascistische Duitsers betiteld werd als Judenrepublik en Barmatwerder vanwege de vele Joden die daar woonden. Judko Barmat werd voor hen een symbool voor hun Jodenhaat. De villa die hij kocht, aan de Inselstraße 8/10, kwam een decennium later, in 1935, in handen van de Minister van Propaganda Joseph Goebbels, die hem opkocht van bankdirecteur Oscar Schlitter.

Van links naar rechts: Judko Barmat, Louis Izaak Barmat en Rosa Barmat – de Winter. Bundesarchiv, Bild 102-05677 / CC-BY-SA 3.0, CC BY-SA 3.0 de, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=5479699

Op 31 december 1924 werden Judko Barmat en zijn broers opgepakt in Berlijn, waar ze sinds 1920 woonden. In Duitsland kwamen ze voor het gerecht vanwege malafide handelspraktijken, oplichting, fraude en corruptie, waarbij ook enkele toppolitici van de Sozialdemokratische Partei Deutschlands (SPD) betrokken zouden zijn. Onder deze politici zaten Reichskanzler Gustav Bauer en Reichspräsident Friedrich Ebert.
De hectiek die ontstaan was, was begonnen met een onderzoek naar de Russisch-Duitse bankier Iwan Kutisker en al snel kwam ook Judko Barmat in beeld als zwendelaar. Barmat kwam regelmatig bij voornoemde en andere invloedrijke personen – onder wie in Nederland de politici Pieter Jelles Troelstra en Pieter Oud van Financiën – over de vloer.

De zwartmakerij van Barmat werd nog verder gevoed omdat hij ook contacten had met allerlei communisten, onder wie Léon Trotsky en David Wijnkoop. Zo schreef een nationaalsocialistische politicus, Kaufhold, een brochure met als titel Der Barmat-Sumpf (De Barmat-poel) waarin hij Judko Barmat, zijn vermeende communistische contacten en zijn concern aan de schandpaal nagelde. Ook de rechtse Berliner Börenzeitung publiceerde veel over Barmats Amexima als malafide concern.

In het voorjaar van 1925 kwam Judko Barmat in voorarrest te zitten, samen met zijn broer Henri (Lodz, 1892). Al snel waren de twee broers, die daarvoor kerngezond waren, ernstig ziek. Barmats familie kocht zijn voorarrest af met 45.000 Mark en kwam hij vrij, waarna hij op de vlucht sloeg.

Het duurde lang voordat het gerechtelijk onderzoek was afgerond. In 1927 en 1928 werden de processen gevoerd, in maart 1928 volgde het vonnis. Julius kreeg zes maanden gevangenisstraf (elf maanden met aftrek van vijf maanden voorarrest), terwijl de eis vijf jaar was. Zijn Duitse bezittingen werden door de rechter verbeurd verklaard, zijn Nederlandse bedrijven mocht hij behouden. Na hoger beroep trof Julius een schikking met het openbaar ministerie en zette men de zes maanden om in voorwaardelijk. Vrijwel meteen vertrok Barmat met zijn broers naar Nederland. Naast zijn bedrijven in Nederland bleef Barmat actief in Letland en Litouwen.

NSDAP-affiche uit 1930 met de naam Barmat. Bron: quora.com

Barmat kwam persoonlijk goed weg. De slappe rechtspraak in de Weimarrepubliek, met Barmat als het ultieme voorbeeld, was echter olie op het vuur van de nazi’s. Judko – en Iwan Kutsiker – waren Joodse zakenmannen die oorspronkelijk afkomstig waren uit Galicië, en ze werden geassocieerd met de Sociaal-Democraten, en dan met name met de partijleider Gustav Bauer. Gedurende de Weimarrepubliek werden ze gezien als personen die de markten manipuleerden en de inflatie voor hun eigen gewin exploiteerden. De schandalen die rond hun proces ontstonden werden gekenmerkt door virulent antisemitisme en hun namen werden door de nazi’s gebruikt om de Sociaal Democraten in diskrediet te brengen. Men impliceerde namelijk dat de Sociaal Democraten voor het karretje gespannen werden van rijke Joodse families.1 Het feit dat Barmat een ‘Ostjude’ was, maakte het antisemitisme nog erger. In 1930 prijkte Barmats naam op een NSDAP-affiche (zie afbeelding, zijn naam staat zesde van rechts), naast termen als ‘bolsjewisme’, ‘oorlogsschuldleugen’, ‘werkloosheid’ etc.

In de jaren 1930 verbleef Judko Barmat voornamelijk in Nederland en België. Op 6 januari 1938 werd zijn lijk aangetroffen in Brussel, onder verdachte omstandigheden. Barmat werd nog lang misbruikt in de antisemitische propaganda van de nazi’s.

Was Judko Barmat een fraudeur?
Dat Judko het niet al te nauw nam binnen het bedrijfsleven, en er verkeerde praktijken op nahield, is wel duidelijk.  Hij werd verschillende keren aangeklaagd, in verschillende landen. Het grootste schandaal gebeurde evenwel in Duitsland en werd groots uitgemolken door de antisemitische nazipropaganda. De naam Barmat bleek hierdoor ‘besmet’, zo sterk zelfs dat Judko’s zoon na de oorlog bij Koninklijk Besluit liep bepalen dat hij de achternaam van zijn moeder mocht gaan voeren.

 

bron:
Nieuwsblad van het Noorden“. Groningen, 12-01-1925, p. 1. Geraadpleegd op Delpher op 15-04-2017, http://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010668405:mpeg21:p002
Enne Koops, Curieuze figuren rond Nederlandse Inlichtingendiensten op www.historiek.net (29 maart 2016) geraadpleegd 15 april 2017.
Gustav Bauer: https://nl.wikipedia.org/wiki/Gustav_Bauer (geraadpleegd 15 april 2017)
Iwan Kutisker: https://de.wikipedia.org/wiki/Barmat-Skandal (geraadpleegd 15 april 2017)
1Theodor W Adorno, Guilt and Defense, On The Legacies of National-Socialism in Postwar Germany (Londen 2010) 165
2 Barmat-Skandal, de.wikipedia.org, lemma Barmat – Skandal (geraadpleegd 16 april 2017)
3 Moving the Social, Journal of Social History and the History of Social Movements nr 47 (Essen 2012)
www.genealogieonline.nl, stamboom Van Emden (Culemborg) (Geraadpleegd 16 april 2017)
“HET EINDE VAN JULIUS BARMAT.”. “Nieuwe Apeldoornsche courant“. Apeldoorn, 07-01-1938. Geraadpleegd op Delpher op 16-04-2017, http://resolver.kb.nl/resolve?urn=MMCODA01:000158766:mpeg21:a0074
Stadsarchief Rotterdam, persoonskaart Judko Barmat
Stadsarchief Amsterdam, persoonskaart Abraham Barmat

Illustraties:
Judko Barmat, Rosa de Winter en hun zoon: Bundesarchiv, Bild 102-05677 / CC-BY-SA 3.0, CC BY-SA 3.0 de, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=5479699
Affiche NSDAP http://historiek.net/julius-barmat-assistent-hitler/57997/

laatst bijgewerkt:
16 april 2017