Barend Naarden

Barend Naarden werd op 27 augustus 1901 in Amsterdam geboren als zoon van Emanuel Naarden (Amsterdam, 16 juli 1881) en Jacomijn Frankfort (Amsterdam, 13 juli 1880). Hij trouwde op 11 augustus 1926 met Catho Louise Blom. Zij werd geboren in Giessen-Nieuwkerk op 11 december 1902 en was de dochter van Aron Blom (Loosduinen, 28 september 1866 – Rotterdam, 5 juni 1941) en Naatje Dondorp (‘s-Gravenzande, 27 maart 1867 – Rotterdam, 4 augustus 1928). Catho en Barend kregen twee zoons, Emanuel (Rotterdam, 7 februari 1927) en Aron (Rotterdam, 12 juli 1928).

rotterdambnaardenHet gezin had een winkel in herenkleding. Ze woonden op verschillende adressen in Rotterdam, waaronder verschillende keren in de buurt van de zaak op de Pretorialaan (68a, 68b, 85a, 66a, 68b, 66a) in de Afrikaanderbuurt, de Groene Hilledijk in 1938 en in december 1940 de Rochussenstraat 133a. Vanaf april 1942 woonde het gezin op de Hoyledesingel 8 in Hillegersberg.

In 1930 werkte Barend samen met Emanuel Naarden (Amsterdam, 16 juli 1881), zijn vader, die op de Nieuwe Markt woont met zijn vrouw en Barends’ moeder, Jacomijn Frankfort (Amsterdam, 13 juli 1880).  Jacomijn en Emanuel waren op 6 februari 1906 vanuit Amsterdam naar Rotterdam gekomen en zijn daar toen op de Zandstraat 55 gaan wonen. Naast Barend hebben Emanuel en Jacomijn nog een zoon, Abraham (Rotterdam, 20 november 1913 – Auschwitz, 1 oktober 1942).

In mei 1938 gaat het gezin van Barend aan de Groene Hilledijk wonen, op Zuid. Van Barend en zijn zoons is bekend dat ze fervent Feyenoord-aanhangers waren en rond die tijd gingen Emanuel en Aron bij Feyenoord voetballen. Aron was daar al mee gestopt toen het gezin in december 1940 verhuisde naar de Rochussenstraat 133b. Emanuel bleef wel lid, totdat in het najaar van 1941 verenigingen worden opgeroepen hun joodse leden te verwijderen. Feyenoord gehoorzaamde en Emanuel werd uitgeschreven. Het gezin van Barend woonde inmiddels in Hillegersberg, aan de Hoyledesingel 8. De ouders van Barend verhuisden na het bombardement naar Schiedam, enaardenschiedamgingen op de Hoogstraat 151c wonen en vestigden hun zaak op de Hoogstraat 80 te Schiedam.

Verraad
Het is vermoedelijk op de Hoyledesingel dat het gezin van Barend werd verraden door een ‘Tante Bertha’. Die vrouw werd er na de oorlog van verdacht Joden voor tienduizend gulden een veilige overtocht naar Engeland te verzekeren, maar alle families en individuen die haar voor die dienst betaalden werden tussen Rotterdam en Hoek van Holland door Duitsers opgepakt. Barend Naarden vertrouwde haar zijn huis en textielverzameling toe in ruil voor een veilige vlucht.

Tante Bertha
Wanneer de “Tante Bertha” in dit verhaal dezelfde is, was dit B. van der Hof – Kooiman. Zij speelde een prominente rol in het Rotterdamse verzet. Maar er was twijfel over haar rol. In 1948 werd zij veroordeeld voor ‘het blootstellen aan vervolging van Joden en het niet juist gebruiken van Joodse eigendommen’. Op 26 juni 1950 werd de zaak opnieuw behandeld door de bijzondere strafkamer van de arrondissementsrechtbank te Amsterdam, die mevrouw Van der Hof op 26 juni 1950 van al het haar ten laste gelegde heeft vrijgesproken. Het feit dat Barend haar vertrouwde was niet naïef van Barend, tante Bertha stond goed bekend. Of het verraad door deze “tante Bertha” is gebeurd en of er verraad was, is twijfelachtig.

In Engeland kwam de familie nooit aan. Barend, Catho-Louise, Emanuel en Aron zagen elkaar ergens in september 1942 voor het laatst. Moeder en zoon Aron werden begin september vanuit Loods 24 gedeporteerd naar Auschwitz. Daar werden ze op 14 september vermoord. Emanuel overleed op 31 maart 1943 in Kamp Seibersdorf, vader Barend op 21 augustus 1944 in Auschwitz.

De ouders van Barend, Emanuel en Jacomijn, werden op 3 september 1943 in Auschwitz vermoord.

De kledingwinkel in herenmode van Barend Naarden is na de oorlog overgenomen door Chris Sinke, oud-eerste elftalspeler van Feyenoord.

Stolpersteinen
Voor Jacomijn Naarden – Frankfort en Emanuel Naarden zijn in Schiedam Stolpersteinen geplaatst. In 2016 werd daar nog een Stolperstein bij geplaatst, voor Ruth Landau (Hamborn, 19 april 1931 – Auschwitz, 3 september 1943). Ruth was de dochter van Anna Landauer en Max Landau uit Hamborn. Ruth kwam op 14 januari 1939 naar Nederland en woonde achtereenvolgens in het Zeehuis, Verspijckweg 5 te Bergen, Burgerweeshuis te Amsterdam, Ons Boschhuis te Driebergen-Rijssenburg, Achterklooster te Rotterdam en ging op 17 juni 1939 bij Jacomijn en Emanuel wonen. Samen met Jacomijn en Emanuel werd Ruth gedeporteerd en vermoord. De ouders van Ruth werden in oktober 1941 naar het getto van Lodz gedeporteerd en overleefden de oorlog niet.

 

bron:
stadsarchief Rotterdam, gezinskaart Barend Naarden.
ibidem, bevolkingsregister.
“Advertentie E Naarden”. “Rotterdamsch nieuwsblad“. Rotterdam, 27-06-1940. Geraadpleegd op Delpher op 30-07-2016, http://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:011002424:mpeg21:a0088.
Museum Rotterdam, gedenksteen aangeboden aan “Tante Bertha”, met commentaar van C.C. en J.G. de Rijke (geraadpleegd 30 juli 2016),
joodsmonument.nl, verschillende lemma’s (geraadpleegd 30 juli 2016).
Dokin, lemma Ruth Landau (geraadpleegd 30 juli 2016)

illustratie
“Advertentie”. “Voorwaarts“. Rotterdam, 29-07-1927. Geraadpleegd op Delpher op 29-07-2016, http://resolver.kb.nl/resolve?urn=KBDDD02:000199878:mpeg21:a0115
“Advertentie E Naarden”. “Rotterdamsch nieuwsblad“. Rotterdam, 27-06-1940. Geraadpleegd op Delpher op 30-07-2016, http://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:011002424:mpeg21:a0088

laatst bijgewerkt:
30 juli 2017