Schavensteeg (Zandstraatbuurt)

In de Schavensteeg, 1909. H. Berssenbrugge. Collectie Beeldbank Stadsarchief Rotterdam 4113_IX-2756-01-1

De Schavensteeg liep tussen de Hofstraat en de Leeuwenlaan in, parallel aan de Zandstraat.
De Schavensteeg stond bekend om de prostitutie. Uit biografie J. H. Speenhoff (dichter-zanger, 1869 – 1945): “Speenhoff kende zulke meisjes en huizen wel, en aangezien de prostitutie in Rotterdam weer even lustig woekerde als in de eerste decade van de eeuw, kende hij ze weer. Nadat hij bij een inval aan een pand aan de Schavensteeg, “een der beruchtste onderwereldspelonken van Rotterdam” werd verrast, verklaarde hij later voor de rechtbank, dat hij als surrealistisch kunstenaar wel verplicht was dergelijke gelegenheden te bezoeken, hetzij om kennis van zaken, hetzij om inspiratie op te doen.
En de prostitués die er werken combineerden vaak twee beroepen – en beroofden hun klanten en werden derhalve landhaaien genoemd.

Joodse bewoners
In het adresboek van 1909 komen we in deze steeg de volgende (Joodse) bewoners tegen:

Schavensteeg 9 – I. Walvis,
pakhuis

Schavensteeg 12 – Joseph? Melhado,
pakhuis

Schavensteeg 32 – W. H. Beindorff
In deze buurt komt deze naam vaker voor. Willem Hendrik Beindorff (Ouder-Amstel, 1849 – Rotterdam, 1908) was mineraalwaterfabrikant, maar ook winkelier en limonadefabrikant. Hij woonde op Hoogstraat 345. In 1922 vierde men het gouden jubileum en werd er in het Rotterdamsch Nieuwsblad teruggekeken op de geschiedenis van het bedrijf.
In 1859 werd door de grootvader van Willem Hendrik het bedrijf overgenomen van Willem Enzinger en was men naast het geboortehuis van Erasmus in de Wijde Kerksteeg gevestigd. In 1872 ging de leiding over in handen van de vader van Willem Hendrik. De zaak ging naar Hoogstraat 343, tot 1870, daarna naar Hoogstraat 345 tot 1916 en het bedrijf ging toen naar de Binnenrotte 148. Het Rotterdamse water was overigens niet goed genoeg voor het maken van spuitwater, dat werd per trekschuit uit Amsterdam aangevoerd. Beindorff had in de Schavensteeg een pakhuis, ze waren niet van Joodse afkomst maar wel gezichtsbepalend voor de Zandstraatbuurt.

Schavensteeg 7-19 – Hulstkamp & Zoon & Molijn
Jaren na Walvis (7) en Sanders (11) en hun buren zijn hun panden in gebruik genomen door Hulstkamp & Zoon & Molijn, kortweg Hulstkamp. Hulstkamp was in het begin van de 20e eeuw gevestigd op de hoek Coolvest – Hofstraat, maar ook deze panden werden gebruikt. Dat was tot 1919, toen volgde er onteigening en vertrok Hulstkamp naar de Maaskade op het Noordereiland. Hulstkamp is inderdaad de distilleerderij en likeurstokerij.

Op 20, 22, 24 en 13 waren logementen gevestigd. Was de Schavensteeg zo toeristisch of was dit een eufemisme voor een hoerenkast?

bron:
www.cornetsdegroot.nl,

Stadsarchief Rotterdam, adresboek 1909

Laatst aangepast:
4 september 2019